💼 Management Samenvatting
Retentielabels die daadwerkelijk zijn gepubliceerd naar alle relevante Microsoft 365-werkbelastingen (Exchange, SharePoint, OneDrive en Teams) vormen de kern van een volwassen data lifecycle-beleid: zij bepalen welke informatie hoe lang bewaard blijft, wanneer gegevens moeten worden verwijderd en hoe organisaties aantoonbaar voldoen aan wettelijke bewaartermijnen.
✓ Exchange
✓ SharePoint
✓ OneDrive
✓ Teams
In veel organisaties worden wel retentielabels gedefinieerd in Microsoft Purview, maar blijven deze beperkt tot een klein deel van de omgeving of worden ze alleen als concept gebruikt. Zonder gepubliceerd beleid dat labels actief beschikbaar maakt in Exchange-postvakken, SharePoint-sites, OneDrive-opslag en Teams-kanalen ontstaat een schijnveiligheid: op papier bestaat er een bewaarbeleid, maar in de praktijk kunnen gebruikers de labels niet toepassen en worden gegevens niet volgens de afgesproken termijnen beheerd. Dit leidt tot onduidelijkheid over bewaartermijnen, verhoogde risico’s bij e-discovery, en mogelijke overtredingen van wetten zoals de AVG, archiefwetgeving en fiscale bewaarplichten. Bovendien wordt het vrijwel onmogelijk om consistent op te treden bij incidenten, Wob/Woo-verzoeken, onderzoeken of audits, omdat niet duidelijk is welke informatie formeel als record is aangemerkt en hoe lang deze beschikbaar blijft.
Connection:
Connect-IPPSSessionRequired Modules: ExchangeOnlineManagement
Implementatie
Deze maatregel beschrijft hoe u retentielabels in Microsoft 365 zodanig publiceert dat zij breed en gecontroleerd beschikbaar zijn in de hele tenant. Dat betekent dat er minimaal één centraal publicatiebeleid bestaat waarin de belangrijkste organisatiebrede retentielabels zijn opgenomen en dat dit beleid is gekoppeld aan alle relevante locaties: Exchange-postvakken, SharePoint-sites, OneDrive-accounts en Microsoft 365 Groups (inclusief Teams). Gebruikers zien de labels vervolgens in Outlook, SharePoint, OneDrive en Teams en kunnen deze toepassen op mappen, bibliotheken en individuele items. De inrichting is gebaseerd op een formeel bewaarschema en wordt ondersteund door monitoring en PowerShell-scripts die controleren of er daadwerkelijk publicatiepolicies actief zijn en of de belangrijkste werkbelastingen zijn opgenomen. Zo ontstaat een herhaalbaar, auditeerbaar proces waarmee uw organisatie kan aantonen dat bewaartermijnen niet alleen op papier bestaan, maar ook daadwerkelijk technisch zijn afgedwongen.
- De implementatie van retentielabels die daadwerkelijk zijn gepubliceerd naar alle relevante Microsoft 365-werkbelastingen verloopt gefaseerd. U start met het ontwerpen of verfijnen van de set retentielabels in Microsoft Purview. In het Purview-portal navigeert u naar Data Lifecycle Management en vervolgens naar Labels (of Retention labels). Hier definieert u voor elke informatiecategorie één of meer labels met een duidelijke naam, beschrijving, bewaartermijn en gewenste actie na afloop van de termijn (bijvoorbeeld verwijderen, alleen blokkeren van verwijdering of conversie naar record). Zorg ervoor dat de omschrijving voor eindgebruikers in begrijpelijke taal uitlegt wanneer het label moet worden gebruikt en wat de gevolgen zijn voor de bewaartermijn. Vervolgens richt u het publicatiebeleid (label policies) in. In plaats van voor elk label een eigen policy te maken, is het vaak efficiënter om verwante labels te groeperen in één of enkele centrale policies, bijvoorbeeld een beleid voor generieke bedrijfsinformatie, een voor HR- en personeelsdossiers en een voor bestuurlijke besluitvorming. In het Purview-portal maakt u een nieuwe label policy aan, selecteert u de labels die u wilt publiceren en bepaalt u op welke locaties deze labels beschikbaar moeten zijn. Voor een organisatiebrede aanpak kiest u bij voorkeur voor alle Exchange e-mail, alle SharePoint-sites, alle OneDrive-accounts en alle Microsoft 365-groepen (inclusief Teams). Waar nodig kunt u uitzonderingen configureren, bijvoorbeeld voor testomgevingen of afgeschermde onderzoeksdossiers die een aparte retentiestrategie vereisen. Na het selecteren van de locaties specificeert u aanvullende instellingen, zoals of gebruikers uitleg moeten zien bij het label, of ze een reden moeten opgeven bij het verwijderen van gelabelde content en of labels verplicht moeten worden toegepast op bepaalde locaties. In omgevingen met veel eindgebruikers is het verstandig om te starten met een beperkte set verplichte labels en duidelijke instructies, zodat gebruikers niet worden geconfronteerd met een overweldigende lijst aan keuzes. Voor hoog-risicoprocessen, zoals bestuurscommunicatie, juridische dossiers of kritieke infrastructurele informatie, kunnen strengere instellingen worden gekozen, bijvoorbeeld verplichte labels op specifieke SharePoint-bibliotheken of Teams-kanalen. Wanneer het publicatiebeleid is geconfigureerd, publiceert u de policy. Het kan enkele uren duren voordat labels zichtbaar worden in alle workloads. In deze periode documenteert u de configuratie: welke labels bestaan er, in welke policies zijn ze opgenomen, welke locaties zijn gekoppeld en welk doel elk label dient. Deze documentatie vormt later essentieel bewijsmateriaal bij audits en helpt bij het oplossen van incidenten of gebruikersvragen. Tegelijkertijd bereidt u communicatie naar gebruikers voor, bijvoorbeeld via intranetberichten, korte instructievideo’s of gerichte trainingen voor key users en recordmanagers. Na publicatie volgt een testfase. Met behulp van een testaccount en een beperkt aantal pilotgebruikers controleert u of de labels zichtbaar zijn in Outlook, SharePoint, OneDrive en Teams en of ze zich gedragen zoals bedoeld. U test scenario’s zoals het toepassen van een label op een map, document of e-mail, het verplaatsen of verwijderen van gelabelde content en het uitvoeren van e-discovery-zoekopdrachten op basis van labels. Waar nodig verfijnt u de naamgeving of beschrijving van labels om verwarring te voorkomen. Tot slot borgt u de implementatie in beheerprocessen. U neemt het onderhoud van labels en label policies op in change- en releaseprocessen, bijvoorbeeld via een periodieke review van het bewaarschema en de onderliggende technische configuratie. Wijzigingen in wet- en regelgeving, archiefwetgeving of interne regelgeving worden vertaald naar updates van labels en policies. Met behulp van PowerShell-scripts, zoals het bijbehorende script in de code-directory, controleert u periodiek of er nog steeds actieve label policies bestaan die zijn gepubliceerd naar de beoogde workloads en of er geen onbedoelde verwijderingen of uitsluitingen hebben plaatsgevonden.
Vereisten
Voor een succesvolle implementatie van retentielabels die breed zijn gepubliceerd in Microsoft 365 is een combinatie van technische, juridische en organisatorische randvoorwaarden noodzakelijk. Allereerst moet uw organisatie beschikken over de juiste licenties. Retentielabels en publicatiepolicies zijn onderdeel van Microsoft Purview Data Lifecycle Management en vereisen doorgaans Microsoft 365 E3/E5, Office 365 E3/E5 met aanvullende compliance-add-ons, of een gelijkwaardig pakket waarin de Purview-retentiefunctionaliteit expliciet is opgenomen. Zonder deze licenties zijn de beheermogelijkheden voor labels, policies en rapportages beperkt of niet beschikbaar, waardoor u het bewaarbeleid niet consistent kunt afdwingen.
Naast licenties is een formeel vastgesteld bewaarschema onmisbaar. In dit bewaarschema is per informatiecategorie (bijvoorbeeld financiële administratie, HR-dossiers, klant- en burgercommunicatie, bestuursstukken of projectdossiers) vastgelegd hoe lang gegevens minimaal en maximaal moeten worden bewaard, inclusief de juridische basis (bijvoorbeeld belastingwetgeving, archiefwet, contractuele verplichtingen of sectorale normen). Dit schema wordt idealiter opgesteld in samenwerking tussen juristen, privacy officers, recordmanagers en informatiebeveiliging, zodat zowel juridische als beveiligings- en privacyaspecten zijn geborgd. De retentielabels in Microsoft 365 zijn vervolgens een technische vertaling van dit bewaarschema; zonder helder bewaarkader bestaat het risico dat labels willekeurig worden gekozen of onderling tegenstrijdig zijn.
Een derde vereiste is governance rond eigenaarschap en besluitvorming. Voor elk retentielabel moet duidelijk zijn wie de eigenaar is, welke processen erdoor worden geraakt en wie wijzigingen mag doorvoeren. Dit raakt niet alleen IT, maar ook lijnmanagement, juridische functies, privacy officers en de CISO-organisatie. Het publiceren van labels naar nieuwe locaties (bijvoorbeeld het uitbreiden van publicatie van alleen Exchange naar ook SharePoint en Teams) kan directe impact hebben op werkprocessen, zoekresultaten en e-discovery. Daarom is het essentieel dat er een formeel wijzigingsproces bestaat waarin risico’s worden beoordeeld, communicatie wordt voorbereid en – waar nodig – opleidingen worden verzorgd.
Aan de kant van de technische inrichting zijn er aanvullende randvoorwaarden. Er moeten één of meerdere beheerders zijn met rollen zoals Compliance Administrator, Records Management of Information Protection Administrator in het Microsoft Purview portal. Deze beheerders hebben toegang nodig tot het onderdeel Data Lifecycle Management en specifiek tot de secties voor retentielabels en publicatiebeleid (label policies). Daarnaast is toegang tot Security & Compliance PowerShell noodzakelijk om monitoring- en controlescripts te kunnen draaien. In veel omgevingen is het verstandig om hiervoor een apart beheerdersaccount te gebruiken dat wordt beschermd met meervoudige authenticatie (MFA) en dat alleen voor beheerdoeleinden wordt ingezet.
Tot slot zijn duidelijke communicatie en adoptie-activiteiten een harde voorwaarde. Gebruikers moeten begrijpen wat retentielabels betekenen, welke consequenties ze hebben (bijvoorbeeld automatische verwijdering of behoud) en hoe deze zich verhouden tot andere classificatie- of DLP-labels in de omgeving. Zonder uitleg kan het gebruik van labels leiden tot verwarring, weerstand of verkeerd gebruik, bijvoorbeeld door het verkeerd labelen van conceptdocumenten als langlopend archief. Door vooraf te investeren in uitleg, handleidingen, voorbeeldscenario’s en korte e-learningmodules wordt de kans vergroot dat retentielabels daadwerkelijk op de juiste manier worden toegepast.
Implementatie
De implementatie van retentielabels die daadwerkelijk zijn gepubliceerd naar alle relevante Microsoft 365-werkbelastingen verloopt gefaseerd. U start met het ontwerpen of verfijnen van de set retentielabels in Microsoft Purview. In het Purview-portal navigeert u naar Data Lifecycle Management en vervolgens naar Labels (of Retention labels). Hier definieert u voor elke informatiecategorie één of meer labels met een duidelijke naam, beschrijving, bewaartermijn en gewenste actie na afloop van de termijn (bijvoorbeeld verwijderen, alleen blokkeren van verwijdering of conversie naar record). Zorg ervoor dat de omschrijving voor eindgebruikers in begrijpelijke taal uitlegt wanneer het label moet worden gebruikt en wat de gevolgen zijn voor de bewaartermijn.
Vervolgens richt u het publicatiebeleid (label policies) in. In plaats van voor elk label een eigen policy te maken, is het vaak efficiënter om verwante labels te groeperen in één of enkele centrale policies, bijvoorbeeld een beleid voor generieke bedrijfsinformatie, een voor HR- en personeelsdossiers en een voor bestuurlijke besluitvorming. In het Purview-portal maakt u een nieuwe label policy aan, selecteert u de labels die u wilt publiceren en bepaalt u op welke locaties deze labels beschikbaar moeten zijn. Voor een organisatiebrede aanpak kiest u bij voorkeur voor alle Exchange e-mail, alle SharePoint-sites, alle OneDrive-accounts en alle Microsoft 365-groepen (inclusief Teams). Waar nodig kunt u uitzonderingen configureren, bijvoorbeeld voor testomgevingen of afgeschermde onderzoeksdossiers die een aparte retentiestrategie vereisen.
Na het selecteren van de locaties specificeert u aanvullende instellingen, zoals of gebruikers uitleg moeten zien bij het label, of ze een reden moeten opgeven bij het verwijderen van gelabelde content en of labels verplicht moeten worden toegepast op bepaalde locaties. In omgevingen met veel eindgebruikers is het verstandig om te starten met een beperkte set verplichte labels en duidelijke instructies, zodat gebruikers niet worden geconfronteerd met een overweldigende lijst aan keuzes. Voor hoog-risicoprocessen, zoals bestuurscommunicatie, juridische dossiers of kritieke infrastructurele informatie, kunnen strengere instellingen worden gekozen, bijvoorbeeld verplichte labels op specifieke SharePoint-bibliotheken of Teams-kanalen.
Wanneer het publicatiebeleid is geconfigureerd, publiceert u de policy. Het kan enkele uren duren voordat labels zichtbaar worden in alle workloads. In deze periode documenteert u de configuratie: welke labels bestaan er, in welke policies zijn ze opgenomen, welke locaties zijn gekoppeld en welk doel elk label dient. Deze documentatie vormt later essentieel bewijsmateriaal bij audits en helpt bij het oplossen van incidenten of gebruikersvragen. Tegelijkertijd bereidt u communicatie naar gebruikers voor, bijvoorbeeld via intranetberichten, korte instructievideo’s of gerichte trainingen voor key users en recordmanagers.
Na publicatie volgt een testfase. Met behulp van een testaccount en een beperkt aantal pilotgebruikers controleert u of de labels zichtbaar zijn in Outlook, SharePoint, OneDrive en Teams en of ze zich gedragen zoals bedoeld. U test scenario’s zoals het toepassen van een label op een map, document of e-mail, het verplaatsen of verwijderen van gelabelde content en het uitvoeren van e-discovery-zoekopdrachten op basis van labels. Waar nodig verfijnt u de naamgeving of beschrijving van labels om verwarring te voorkomen.
Tot slot borgt u de implementatie in beheerprocessen. U neemt het onderhoud van labels en label policies op in change- en releaseprocessen, bijvoorbeeld via een periodieke review van het bewaarschema en de onderliggende technische configuratie. Wijzigingen in wet- en regelgeving, archiefwetgeving of interne regelgeving worden vertaald naar updates van labels en policies. Met behulp van PowerShell-scripts, zoals het bijbehorende script in de code-directory, controleert u periodiek of er nog steeds actieve label policies bestaan die zijn gepubliceerd naar de beoogde workloads en of er geen onbedoelde verwijderingen of uitsluitingen hebben plaatsgevonden.
Compliance en Auditing
Het publiceren van retentielabels naar alle relevante Microsoft 365-werkbelastingen is cruciaal voor aantoonbare compliance met Nederlandse en Europese wet- en regelgeving. Vanuit het perspectief van de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) ondersteunt deze inrichting met name artikel 5, waarin is vastgelegd dat persoonsgegevens niet langer mogen worden bewaard dan noodzakelijk voor het doel van de verwerking. Door retentielabels te koppelen aan bewaartermijnen en deze breed beschikbaar te maken, kan een organisatie concreet aantonen dat zij bewaartermijnen heeft vastgesteld én technisch afdwingt. Wanneer een label bijvoorbeeld een bewaartermijn van zeven jaar definieert en content daarna automatisch verwijdert, is duidelijk hoe lang persoonsgegevens maximaal beschikbaar blijven en kan dit onderbouwd worden richting toezichthouders zoals de Autoriteit Persoonsgegevens.
Voor overheidsorganisaties en organisaties in de (semi)publieke sector sluit deze maatregel ook direct aan op de Baseline Informatiebeveiliging Overheid (BIO). BIO-controles rondom logging, dossiervorming en het beheer van records vereisen dat informatie gedurende de gehele bewaartermijn betrouwbaar, volledig en toegankelijk is. Door retentielabels te gebruiken als technische representatie van archief- en bewaartermijnen, en deze labels breed te publiceren naar Exchange, SharePoint, OneDrive en Teams, wordt geborgd dat relevante documenten en communicatie consistent worden beheerd. Dit ondersteunt onder meer het kunnen reconstrueren van besluitvorming, het afhandelen van Woo-verzoeken en het leveren van volledige dossiers bij interne en externe onderzoeken.
Ook binnen internationale normen zoals ISO 27001 speelt records management een belangrijke rol. Controle A.18.1.3 richt zich op de bescherming van records en het naleven van wettelijke en contractuele verplichtingen rondom bewaartermijnen. Een goed ingericht stelsel van retentielabels en label policies toont aan dat de organisatie structureel heeft nagedacht over bewaartermijnen, dat deze zijn vertaald naar technische maatregelen en dat er monitoring plaatsvindt om de effectiviteit van die maatregelen te borgen. De combinatie van documentatie, configuratie in Microsoft Purview en periodieke rapportages uit het PowerShell-script levert sterk auditbewijs op dat de organisatie “in control” is.
Voor auditors en toezichthouders is niet alleen de aanwezigheid van labels en policies relevant, maar vooral de aantoonbare werking ervan. Dit betekent dat u naast configuratieschermen ook rapportages moet kunnen tonen waaruit blijkt welke labels op welke locaties beschikbaar zijn, hoe vaak ze worden toegepast en welke content daadwerkelijk is verwijderd of behouden op basis van deze labels. De bijbehorende PowerShell-scripts helpen daarbij door periodiek te controleren of er actieve label policies bestaan die meerdere workloads bestrijken en door afwijkingen te signaleren, bijvoorbeeld wanneer een policy onbedoeld is uitgeschakeld of wanneer een workload niet langer in de scope zit.
Ten slotte is transparantie richting betrokkenen een belangrijk compliance-aspect. Door retentielabels helder te beschrijven, gebruikers te informeren over de betekenis ervan en – waar nodig – privacyverklaringen en interne beleidsdocumenten hierop af te stemmen, ontstaat een consistent verhaal. Burgers, klanten en medewerkers kunnen dan begrijpen hoe lang hun gegevens worden bewaard en op basis waarvan. Dit verlaagt het risico op klachten, versterkt het vertrouwen in de organisatie en zorgt ervoor dat juridische, privacy- en beveiligingsafdelingen gezamenlijk kunnen onderbouwen dat de gekozen aanpak proportioneel, noodzakelijk en rechtmatig is.
Monitoring
Gebruik PowerShell-script retention-labels-published.ps1 (functie Invoke-Monitoring) – Controleert of er actieve label policies bestaan die retentielabels publiceren naar Exchange, SharePoint, OneDrive en Microsoft 365 Groups (Teams)..
Remediatie
Gebruik PowerShell-script retention-labels-published.ps1 (functie Invoke-Remediation) – Biedt een basisconfiguratie voor een publicatiebeleid en geeft beheerders stap-voor-stap instructies wanneer automatische inrichting niet mogelijk is..
Compliance & Frameworks
- BIO: 18.01 - Beheer en bescherming van records gedurende de volledige bewaartermijn.
- ISO 27001:2022: A.18.1.3 - Bescherming van informatie en naleving van wettelijke bewaartermijnen.
Automation
Gebruik het onderstaande PowerShell script om deze security control te monitoren en te implementeren. Het script bevat functies voor zowel monitoring (-Monitoring) als remediation (-Remediation).
Risico zonder implementatie
Management Samenvatting
Publiceer retentielabels via centrale label policies naar Exchange, SharePoint, OneDrive en Teams zodat bewaartermijnen uit het bewaarschema daadwerkelijk technisch worden afgedwongen. Dit is essentieel voor AVG-naleving, BIO-controle 18.01 en ISO 27001 A.18.1.3, en voorkomt zowel onnodige dataverzameling als te vroege verwijdering. Implementatie vraagt één tot twee werkdagen voor ontwerp, inrichting, testen en documentatie, gevolgd door lichte doorlopende beheerinspanning en periodieke reviews.
- Implementatietijd: 12 uur
- FTE required: 0.08 FTE