💼 Management Samenvatting
Deze gids over prompt safety voor Microsoft Copilot beveiliging biedt organisaties een uitgebreide aanpak voor het implementeren van veilige prompt practices en het voorkomen van prompt-injection aanvallen binnen Microsoft Copilot. Prompt safety omvat alle maatregelen die worden genomen om ervoor te zorgen dat prompts die worden ingevoerd in AI-systemen zoals Microsoft Copilot geen beveiligingsrisico's vormen, geen gevoelige informatie lekken, en geen onbedoelde of schadelijke outputs genereren. Bij Microsoft Copilot is prompt safety essentieel omdat gebruikers direct interactie hebben met het AI-systeem via prompts, en kwaadwillende of onzorgvuldig geformuleerde prompts kunnen leiden tot beveiligingsincidenten, datalekken en compliance-schendingen. Deze gids behandelt alle essentiële aspecten van prompt safety die nodig zijn om ervoor te zorgen dat Copilot-gebruik voldoet aan de strenge beveiligings- en compliance-eisen die gelden voor Nederlandse overheidsorganisaties, inclusief vereisten vanuit de Baseline Informatiebeveiliging Overheid (BIO), de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) en de Network and Information Systems Directive 2 (NIS2).
✓ Microsoft Copilot
✓ Microsoft 365 E3
✓ Microsoft 365 E5
✓ Microsoft Copilot for Microsoft 365
Prompt safety vormt een fundamentele beveiligingslaag in AI-systemen zoals Microsoft Copilot. Zonder adequate prompt safety maatregelen loopt een organisatie het risico op prompt-injection aanvallen waarbij kwaadwillenden prompts gebruiken om het AI-systeem te manipuleren, gevoelige informatie te extraheren, of schadelijke acties uit te voeren. Daarnaast kunnen onzorgvuldig geformuleerde prompts leiden tot onbedoelde informatielekken, privacy-schendingen, beveiligingsrisico's en niet-naleving van compliance-vereisten. Voor Nederlandse overheidsorganisaties is het essentieel dat prompt safety volledig compliant is met BIO-vereisten voor informatiebeveiliging, AVG-vereisten voor privacybescherming en NIS2-vereisten voor cybersecurity. Een gestructureerde prompt safety gids helpt organisaties om alle benodigde beveiligingsmaatregelen systematisch te implementeren, te documenteren en te verifiëren, waardoor het risico op beveiligingsincidenten en compliance-schendingen wordt geminimaliseerd.
Connection:
Connect-MgGraph / Connect-ExchangeOnlineRequired Modules: Microsoft.Graph, Microsoft.Graph.Identity.DirectoryManagement, ExchangeOnlineManagement
Implementatie
Deze prompt safety gids beschrijft een complete, stapsgewijze aanpak voor het implementeren van veilige prompt practices voor Microsoft Copilot in Microsoft 365. De gids behandelt alle belangrijke aspecten van prompt safety, inclusief prompt-injection preventie, input validatie en sanitization, output filtering en verificatie, audit logging van prompts, compliance-configuratie voor prompt gebruik, en beveiligingsbeleid voor prompt safety. Voor elk aspect worden concrete implementatiestappen beschreven, inclusief best practices voor veilige prompt formulering, configuratie-instructies voor Microsoft 365 Admin Center, PowerShell-scripts voor geautomatiseerde monitoring en verificatie, en verificatiemethoden om te controleren dat prompt safety practices correct worden toegepast. Daarnaast worden best practices beschreven voor het beheren van prompt safety beveiliging op de lange termijn, inclusief regelmatige reviews, updates en verbeteringen.
Vereisten voor Prompt Safety Implementatie
Voor het implementeren van prompt safety maatregelen voor Microsoft Copilot in Microsoft 365 zijn verschillende technische, organisatorische en licentievereisten noodzakelijk. Op technisch niveau is een Microsoft 365 E3 of E5 licentie vereist, omdat Microsoft Copilot for Microsoft 365 alleen beschikbaar is voor organisaties met deze licentiecombinaties. Daarnaast is toegang tot Microsoft 365 Admin Center vereist voor het configureren van Copilot-instellingen, evenals de juiste beheerdersrollen zoals Global Administrator, Security Administrator of Copilot Administrator voor het configureren van beveiligingsinstellingen. Voor geavanceerde prompt safety configuraties kan het nodig zijn om toegang te hebben tot Microsoft Purview Compliance Portal, Microsoft 365 Defender en Microsoft Sentinel, waarvoor aanvullende licenties en configuraties vereist kunnen zijn.
Op organisatorisch niveau vereist prompt safety implementatie duidelijke governance-structuren en besluitvormingsprocessen. Dit begint met het vaststellen van een Prompt Safety Policy die beschrijft welke beveiligingsmaatregelen moeten worden geïmplementeerd, wie verantwoordelijk is voor het beheren van prompt safety, en welke procedures moeten worden gevolgd wanneer prompt-injection aanvallen of andere beveiligingsincidenten worden gedetecteerd. Dit beleid moet worden ontwikkeld in samenwerking met de CISO, privacy officers, compliance officers en andere relevante stakeholders, en moet worden goedgekeurd door het management voordat implementatie begint. Daarnaast is het essentieel om een implementatieplan op te stellen dat beschrijft welke prompt safety maatregelen in welke volgorde moeten worden geïmplementeerd, wie verantwoordelijk is voor elke stap, en welke deadlines er zijn voor het voltooien van de implementatie.
Op operationeel niveau vereist prompt safety implementatie voldoende technische expertise en resources. Organisaties moeten ervoor zorgen dat IT-beheerders beschikken over de juiste kennis en vaardigheden om prompt safety configuraties te implementeren en te beheren, bijvoorbeeld door training te volgen over prompt-injection aanvallen, input validatie technieken, en output filtering methoden, of door externe expertise in te schakelen. Daarnaast moeten organisaties ervoor zorgen dat er voldoende tijd en resources beschikbaar zijn voor het implementeren van prompt safety maatregelen, het testen van configuraties, en het documenteren van implementaties. Dit kan betekenen dat organisaties een projectteam samenstellen dat specifiek is toegewezen aan prompt safety implementatie, of dat zij externe consultants inschakelen om ondersteuning te bieden bij de implementatie. Door deze vereisten proactief aan te pakken, kunnen organisaties ervoor zorgen dat prompt safety implementatie soepel verloopt en dat alle benodigde beveiligingsmaatregelen correct worden geïmplementeerd.
Stapsgewijze Implementatie van Prompt Safety
De implementatie van prompt safety maatregelen voor Microsoft Copilot in Microsoft 365 begint met het configureren van input validatie en sanitization. Dit omvat het implementeren van mechanismen die controleren of prompts die worden ingevoerd in Copilot voldoen aan beveiligingsvereisten, geen kwaadwillende code bevatten, en geen pogingen tot prompt-injection aanvallen bevatten. Organisaties moeten beginnen met het configureren van input validatie regels via Microsoft 365 Admin Center of Microsoft Purview Compliance Portal, waarbij zij definiëren welke soorten prompts zijn toegestaan, welke karakters of patronen zijn verboden, en welke acties moeten worden ondernomen wanneer verdachte prompts worden gedetecteerd. Daarnaast moeten organisaties input sanitization implementeren die automatisch gevaarlijke elementen uit prompts verwijdert voordat deze worden verwerkt door het AI-systeem, bijvoorbeeld door speciale karakters te escapen, JavaScript-code te verwijderen, of SQL-injection patronen te blokkeren.
Een tweede belangrijke stap in implementatie is het configureren van output filtering en verificatie voor Copilot-responses. Dit omvat het implementeren van mechanismen die controleren of outputs die worden gegenereerd door Copilot voldoen aan beveiligingsvereisten, geen gevoelige informatie bevatten, en geen schadelijke content genereren. Organisaties moeten beginnen met het configureren van output filtering regels die automatisch gevoelige gegevens detecteren en maskeren in Copilot-responses, bijvoorbeeld door persoonsgegevens, financiële informatie of andere vertrouwelijke data te identificeren en te vervangen door placeholders. Daarnaast moeten organisaties output verificatie implementeren die controleert of gegenereerde content voldoet aan compliance-vereisten, bijvoorbeeld door te verifiëren dat outputs geen AVG-schendingen bevatten, dat zij voldoen aan BIO-vereisten voor informatiebeveiliging, en dat zij geen schadelijke of misleidende informatie bevatten.
Een derde belangrijke component van implementatie is het configureren van audit logging en monitoring voor prompt-activiteiten. Organisaties moeten ervoor zorgen dat alle prompts die worden ingevoerd in Copilot worden gelogd, inclusief de volledige prompt tekst, de gebruiker die de prompt heeft ingevoerd, de tijdstempel van de prompt, en de gegenereerde response. Dit kan worden gedaan door Unified Audit Logging in te schakelen via Exchange Online Management, waarbij organisaties ervoor zorgen dat audit logging is geconfigureerd voor alle relevante Copilot-activiteiten. Daarnaast kunnen organisaties gebruik maken van Microsoft Purview Audit (Premium) voor geavanceerde logging-functionaliteit, zoals langere bewaartermijnen, geavanceerde zoekfuncties en real-time waarschuwingen voor verdachte prompt-activiteiten. Deze logs vormen de basis voor security monitoring en incident response, en moeten daarom betrouwbaar, compleet en toegankelijk zijn voor security-analyses.
Tot slot moet implementatie worden ondersteund door het configureren van beveiligingsbeleid en compliance-instellingen die specifiek zijn gericht op prompt safety. Dit omvat het definiëren van acceptabele prompt-patronen voor Copilot, het configureren van privacy-instellingen die voldoen aan AVG-vereisten, en het implementeren van governance-processen voor het beheren van prompt-gebruik. Organisaties moeten beginnen met het opstellen van een Prompt Safety Acceptable Use Policy die beschrijft hoe prompts mogen worden gebruikt, welke soorten prompts zijn toegestaan, en welke beperkingen er zijn voor specifieke use cases. Daarnaast moeten privacy-instellingen worden geconfigureerd die ervoor zorgen dat persoonsgegevens in prompts worden beschermd volgens AVG-vereisten, bijvoorbeeld door gebruik te maken van data minimization, purpose limitation en storage limitation principes. Deze instellingen kunnen worden geconfigureerd via Microsoft Purview Compliance Portal, waarbij organisaties gebruik kunnen maken van bestaande privacy-configuraties of nieuwe configuraties kunnen creëren die specifiek zijn gericht op prompt safety.
Compliance en Naleving voor Prompt Safety
Beveiligingsimplementatie voor prompt safety in Microsoft Copilot moet aantoonbaar voldoen aan verschillende compliance-frameworks en wet- en regelgeving die van toepassing zijn op Nederlandse overheidsorganisaties. De Baseline Informatiebeveiliging Overheid (BIO) vormt de primaire basis voor informatiebeveiligingseisen, met specifieke vereisten die relevant zijn voor prompt safety. BIO-norm 5.1 vereist toegangscontrole, wat betekent dat alleen geautoriseerde gebruikers prompts mogen invoeren in Copilot en dat prompt-activiteiten moeten worden gecontroleerd en gemonitord. BIO-norm 8.1 vereist encryptie van gevoelige gegevens, wat betekent dat alle prompts die gevoelige informatie bevatten moeten worden beschermd met passende encryptie. BIO-norm 12.1 vereist logging en monitoring, wat betekent dat alle prompt-activiteiten moeten worden gelogd en gemonitord voor security-doeleinden. Voor prompt safety implementatie betekent dit dat organisaties moeten kunnen aantonen dat input validatie correct is geconfigureerd, dat output filtering is geïmplementeerd voor alle relevante content, en dat logging en monitoring continu plaatsvinden.
De Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) stelt aanvullende eisen voor privacybescherming die relevant zijn voor prompt safety. Artikel 25 AVG vereist privacy by design en privacy by default, wat betekent dat privacy-aspecten moeten worden meegenomen in het ontwerp van prompt safety configuraties, bijvoorbeeld door gebruik te maken van data minimization, purpose limitation en storage limitation principes bij het verwerken van prompts. Artikel 32 AVG vereist dat organisaties passende technische en organisatorische maatregelen implementeren om persoonsgegevens te beveiligen, wat betekent dat prompt safety configuraties moeten worden geconfigureerd met de hoogste standaard voor data protection, inclusief input validatie, output filtering en audit logging. Artikel 33 en 34 AVG vereisen dat organisaties datalekken rapporteren aan toezichthouders en betrokkenen, wat betekent dat organisaties processen moeten hebben voor het detecteren, rapporteren en mitigeren van datalekken die betrekking hebben op prompt-activiteiten. Voor prompt safety implementatie betekent dit dat organisaties moeten kunnen aantonen dat privacy by design principes zijn toegepast, dat passende beveiligingsmaatregelen zijn geïmplementeerd, en dat incident response procedures aanwezig zijn voor het omgaan met datalekken.
De Network and Information Systems Directive 2 (NIS2) stelt aanvullende eisen voor cybersecurity die relevant zijn voor prompt safety, met name voor organisaties die worden aangemerkt als essentiële of belangrijke entiteiten. NIS2 vereist dat organisaties passende maatregelen implementeren voor het beveiligen van netwerk- en informatiesystemen, het detecteren van security-incidenten, en het snel reageren op security-incidenten. Voor prompt safety betekent dit dat organisaties moeten kunnen aantonen dat zij geavanceerde beveiligingsmaatregelen hebben geïmplementeerd voor het voorkomen van prompt-injection aanvallen, dat monitoring en detectie continu plaatsvinden, en dat zij snel kunnen reageren op gedetecteerde bedreigingen. NIS2 vereist ook dat organisaties security-incidenten rapporteren aan relevante toezichthouders, wat betekent dat organisaties processen moeten hebben voor het documenteren en rapporteren van security-incidenten die betrekking hebben op prompt-activiteiten. Organisaties moeten daarom ervoor zorgen dat prompt safety implementatie niet alleen beveiligingsmaatregelen omvat, maar ook de benodigde processen en procedures voor incident response en rapportage.
Naast deze primaire compliance-frameworks moeten organisaties rekening houden met sectorspecifieke wet- en regelgeving die aanvullende eisen stelt aan prompt safety. Voor organisaties die werken met staatsgeheimen gelden aanvullende vereisten vanuit de Wet veiligheidsonderzoeken en de Aanwijzing informatiebeveiliging rijksdienst, die strikte eisen stellen aan toegangscontrole, encryptie en logging van toegang tot gevoelige gegevens via prompts. Voor financiële instellingen gelden aanvullende vereisten vanuit de Wft en toezichthoudende richtlijnen van de AFM en DNB, die eisen stellen aan beveiligingsconfiguraties en incident response voor prompt-activiteiten. Deze sectorspecifieke vereisten moeten worden meegenomen in de prompt safety implementatie, bijvoorbeeld door aanvullende beveiligingsmaatregelen te implementeren voor sectorspecifieke bedreigingen, of door extra logging en rapportage te configureren voor compliance-doeleinden. Door prompt safety implementatie te baseren op een grondige analyse van alle relevante compliance-frameworks, kunnen organisaties ervoor zorgen dat prompt safety volledig compliant is met alle toepasselijke wet- en regelgeving en dat zij aantoonbaar voldoen aan alle security- en compliance-eisen.
Monitoring en Verificatie van Prompt Safety
Gebruik PowerShell-script prompt-safety.ps1 (functie Invoke-Monitoring) – Monitort en verifieert de prompt safety configuraties voor Microsoft Copilot, inclusief input validatie, output filtering, audit logging en compliance-instellingen.
Effectieve monitoring en verificatie van prompt safety configuraties is essentieel om te waarborgen dat beveiligingsmaatregelen correct blijven functioneren en dat compliance-vereisten continu worden nageleefd. Monitoring begint met het regelmatig controleren van de status van alle prompt safety configuraties, inclusief input validatie-instellingen, output filtering policies, audit logging-configuraties en compliance-instellingen, om te verifiëren dat deze correct zijn geconfigureerd en actief zijn. Dit kan worden gedaan via Microsoft 365 Admin Center, Microsoft Purview Compliance Portal of andere beheerportals, waar beheerders een overzicht kunnen krijgen van alle geconfigureerde prompt safety instellingen en hun status. Daarnaast kunnen PowerShell-scripts worden gebruikt om programmatisch de status van prompt safety configuraties te controleren en waarschuwingen te genereren wanneer configuraties onverwacht worden gewijzigd of uitgeschakeld. Het in dit artikel genoemde PowerShell-script kan worden gebruikt om regelmatig de status van prompt safety configuraties te controleren en rapporten te genereren over de naleving van beveiligingsvereisten.
Naast het monitoren van de status van prompt safety configuraties is het essentieel om de effectiviteit van beveiligingsmaatregelen te monitoren door te analyseren of prompt-injection aanvallen worden gedetecteerd en gemitigeerd, of compliance-vereisten worden nageleefd, en of gebruikers correct omgaan met prompt safety beleid. Organisaties moeten processen implementeren voor het regelmatig reviewen van security logs en audit logs, waarbij wordt gelet op patronen die kunnen wijzen op beveiligingsproblemen, zoals verdachte prompt-patronen, prompt-injection pogingen, of compliance-schendingen. Microsoft Purview Audit (Premium) en Microsoft 365 Defender bieden functionaliteit voor het analyseren van security events en het genereren van rapporten over beveiligingsincidenten. Organisaties moeten deze tools regelmatig gebruiken om inzicht te krijgen in de effectiviteit van prompt safety maatregelen en om gebieden te identificeren waar verbeteringen nodig zijn.
Een derde belangrijke component van monitoring is het meten van de naleving van compliance-vereisten door te analyseren of prompt safety configuraties voldoen aan BIO-, AVG- en NIS2-vereisten, of audit logs worden bewaard voor de vereiste bewaartermijnen, en of incident response procedures correct worden uitgevoerd. Organisaties moeten processen implementeren voor het verzamelen en analyseren van compliance-metrics, bijvoorbeeld door maandelijkse of driemaandelijkse rapportages te genereren die inzicht geven in de naleving van compliance-vereisten en in de effectiviteit van prompt safety maatregelen. Deze rapportages moeten worden besproken in relevante governance-structuren, zoals CISO-overleg of compliance-commissies, zodat beslissingen kunnen worden genomen over het aanpassen van prompt safety configuraties of het implementeren van aanvullende maatregelen. Daarnaast moeten organisaties processen hebben voor het uitvoeren van compliance-audits, waarbij externe auditors de prompt safety configuraties en -processen controleren om te verifiëren dat zij voldoen aan alle relevante compliance-vereisten.
Tot slot moet monitoring worden ondersteund door continue verbetering van prompt safety op basis van nieuwe bedreigingen, veranderende compliance-vereisten en lessen geleerd uit beveiligingsincidenten. Dit betekent dat organisaties processen moeten implementeren voor het regelmatig updaten van prompt safety configuraties wanneer nieuwe bedreigingen worden geïdentificeerd, voor het bijwerken van compliance-instellingen wanneer nieuwe wet- en regelgeving van kracht wordt, en voor het verbeteren van beveiligingsprocessen op basis van praktijkervaringen. Organisaties moeten ook kennis delen met andere organisaties, bijvoorbeeld via Information Sharing and Analysis Centers (ISACs) of andere samenwerkingsverbanden, om te leren van elkaars ervaringen en om gezamenlijk te werken aan het verbeteren van prompt safety. Door monitoring te combineren met continue verbetering, kunnen organisaties ervoor zorgen dat prompt safety effectief blijft in het beschermen van gevoelige gegevens en het naleven van compliance-vereisten, zelfs wanneer bedreigingslandschappen en compliance-vereisten evolueren.
Remediatie en Correctie van Prompt Safety Problemen
Gebruik PowerShell-script prompt-safety.ps1 (functie Invoke-Remediation) – Herstelt ontbrekende of incorrect geconfigureerde prompt safety instellingen voor Microsoft Copilot wanneer deze niet voldoen aan beveiligings- en compliance-vereisten.
Remediatie van prompt safety problemen omvat het herstellen van ontbrekende of incorrect geconfigureerde beveiligingsinstellingen, het corrigeren van compliance-schendingen, en het waarborgen dat alle relevante beveiligingsmaatregelen correct zijn geïmplementeerd. Wanneer monitoring aangeeft dat prompt safety configuraties ontbreken of incorrect zijn geconfigureerd, moeten beheerders snel actie ondernemen om deze te herstellen, omdat het ontbreken van adequate prompt safety kan leiden tot beveiligingsincidenten, datalekken en niet-naleving van compliance-vereisten. Het in dit artikel genoemde PowerShell-script kan worden gebruikt om automatisch ontbrekende prompt safety configuraties te detecteren en te herstellen, bijvoorbeeld door input validatie-instellingen opnieuw te configureren wanneer deze zijn gewijzigd, of door output filtering policies te herstellen wanneer deze zijn uitgeschakeld.
De eerste stap in remediatie is het identificeren van de exacte oorzaak van het probleem, bijvoorbeeld door audit logs te analyseren om te zien wanneer prompt safety configuraties zijn gewijzigd, of door de huidige configuratie te vergelijken met de gewenste configuratie. Wanneer de oorzaak is geïdentificeerd, kunnen beheerders de benodigde corrigerende maatregelen nemen, zoals het opnieuw configureren van input validatie-instellingen, het herstellen van output filtering policies, of het opnieuw inschakelen van audit logging. Het is belangrijk om na remediatie te verifiëren dat prompt safety configuraties correct functioneren, bijvoorbeeld door testscenario's uit te voeren of door monitoring opnieuw uit te voeren om te bevestigen dat het probleem is opgelost. Daarnaast moeten organisaties processen implementeren voor het voorkomen van toekomstige problemen, bijvoorbeeld door wijzigingen aan prompt safety configuraties te vereisen dat deze worden gereviewed en goedgekeurd voordat zij worden doorgevoerd, of door automatische waarschuwingen te configureren die worden gegenereerd wanneer prompt safety configuraties worden gewijzigd.
Voor beveiligingsincidenten die al hebben plaatsgevonden en die niet zijn voorkomen door prompt safety maatregelen, moet remediatie ook omvatten het onderzoeken van de oorzaak van het incident en het aanpassen van beveiligingsconfiguraties om vergelijkbare incidenten in de toekomst te voorkomen. Dit kan betekenen dat prompt safety policies worden bijgewerkt met nieuwe bedreigingsindicatoren, dat input validatie-instellingen worden aangescherpt om gevoeliger te zijn voor verdachte prompt-patronen, of dat nieuwe beveiligingsmaatregelen worden toegevoegd wanneer nieuwe bedreigingspatronen worden geïdentificeerd. Organisaties moeten processen hebben voor het analyseren van beveiligingsincidenten, bijvoorbeeld door post-incident reviews uit te voeren waarin wordt geanalyseerd waarom een incident heeft plaatsgevonden en welke maatregelen kunnen worden genomen om prompt safety te verbeteren. Door remediatie te combineren met leerprocessen en preventieve maatregelen, kunnen organisaties ervoor zorgen dat prompt safety robuust blijft en dat beveiligingseffectiviteit continu verbetert.
Compliance & Frameworks
- CIS M365: Control 6.1 (L1) - Implementeer beveiligingsconfiguraties voor AI-systemen en cloud services
- BIO: 5.1, 8.1, 12.1, 12.2 - Toegangscontrole, encryptie, logging en monitoring, en incident detectie voor AI-systemen
- ISO 27001:2022: A.9.1.1, A.10.1.1, A.12.4.1 - Toegangscontrole, cryptografie, en logging en monitoring voor AI-systemen
- NIS2: Artikel - Beveiligingsmaatregelen en incident detectie en respons voor essentiële en belangrijke entiteiten
Automation
Gebruik het onderstaande PowerShell script om deze security control te monitoren en te implementeren. Het script bevat functies voor zowel monitoring (-Monitoring) als remediation (-Remediation).
Risico zonder implementatie
Management Samenvatting
Implementeer een complete prompt safety configuratie voor Microsoft Copilot in Microsoft 365, inclusief input validatie, output filtering, audit logging en compliance-instellingen. Dit waarborgt dat Copilot-gebruik voldoet aan BIO-, AVG- en NIS2-vereisten en dat gevoelige gegevens adequaat worden beschermd tegen prompt-injection aanvallen en andere beveiligingsbedreigingen.
- Implementatietijd: 180 uur
- FTE required: 1 FTE